Column ‘Facebook: open boek van onze geest’

Laatst stond ik op een familiefeest uit het raam te kijken. Een van mijn neefjes was op het grasperkje aan het voetballen. Alleen. Maar was hij écht alleen? Niet enkel dribbelde hij doorheen een imaginaire verdediging en stormde hij regelrecht op een verzonnen keeper af, ook was hij klaarblijkelijk druk aan het overleggen met iemand, want zijn mond ging voortdurend open en toe. Alleen zag ik niet met wie. Tot hij voorbij het open venster dribbelde. ‘En daar gaat-ie,’ hoorde ik hem uitleggen, ‘met de bal aan zijn voeten… een hele verdediging voor schut gezet…’ Mijn neefje was zijn eigen spel aan het becommentariëren, hij was voetballer en verslaggever tegelijkertijd. En toen hij eindelijk op doel trapte, een struik waarin twee jassen hingen, begreep ik dat hij de bal vanuit verschillende camerahoeken naar een virtueel net zag zweven, mogelijk zelfs in slow motion. ‘Een loeihard schot, suizend naar een perplexe doelman… En…’

De mens is een sociaal dier. Ook als we alleen zijn, zijn we niet écht alleen: in ons hoofd zetelt een publiek dat mee zin verleent aan onze daden. Samen beleven we het stuk van onszelf. Mogelijk kan dit sociale aspect van onze menselijke geest mee het opmerkelijke succes van Facebook verklaren. Wat graag posten we op Facebook allerlei nieuwtjes over onszelf, onze bezigheden en onze interesses: niet omdat die nieuwtjes zo uitzonderlijk belangwekkend zouden zijn, maar simpelweg omdat het ónze nieuwtjes zijn. Of we daar nu exhibitionistisch ver in gaan, of iets terughoudender in zijn, allemaal kennen we wel de bijzondere verlokking die uitgaat van het delen van onze ervaringen met onze Facebookvrienden, liefst nog voorzien van een pittig commentaar dat blijk moet geven van onze ironische distantie. In zijn interessante boek The Facebook Effect (2010) licht David Kirkpatrick ondermeer de toekomstplannen van het bedrijf toe. Bij monde van eertijds vice-president Matt Cohler legt hij uit dat er binnen enkele jaren mogelijk geen onderscheid meer zal bestaan tussen ‘on’ en ‘off’ Facebook zijn. Ons Facebookbestaan zal nog veel meer vervlochten raken met ons ‘werkelijke’ leven: in alles wat we doen zullen we voortdurend geconnecteerd zijn met onze ‘Friends’, die een soort van mentaal canvas zullen vormen waartegen onze daden zich onafgebroken zullen afschilderen.

Geen onderscheid meer tussen ‘on’ en ‘off’ Facebook. Maar, kunnen we ons afvragen, is dat onderscheid er ooit wel geweest? En ligt net dát niet mee aan de basis van Facebooks indrukwekkende wave over the planet (een half miljard gebruikers in juli 2010)? Facebook beschikt natuurlijk over een wakker management dat niet bang is van een langetermijnvisie. Maar er zijn zoveel andere trends die ook goed gemanaged worden en die toch heel snel vervliegen. Dat Facebook nog geen zelfde lot beschoren is, heeft mogelijk te maken met het feit dat Facebook op een zeer natuurlijke wijze aansluit bij de manier waarop onze sociale geest nu eenmaal werkt: Facebook dringt ons niets nieuws op, maar vormt een handige (en allicht ook revolutionaire) virtuele uitbreiding van wat al bestond.

Als we soep aan het maken zijn bijvoorbeeld, zijn we ons dan ook al niet aan het verhouden tot een gemeenschap? Tijdens het snijden van de groenten beleven we onszelf impliciet als ‘diegene die soep aan het maken is’. Die afstand tot onszelf is een sociale afstand: in onze geest waart een ‘community’ rond voor wie we ‘soep aan het maken zijn’. Onze stream of consciousness vormt een soort van mentale oer-newsfeed, waarvan Facebook ons enkel een explicietere versie aanbiedt. In dat licht is het ook niet toevallig dat de meeste newsfeeds op Facebook in de derde persoon staan. ‘X is soep aan het maken,’ schrijven we. Zeggen we daarmee niet bijna letterlijk: Ik ben samen met jullie aan het toekijken hoe ik soep aan het maken ben?

‘En… gooo-aaaalll!!!’ Buiten steekt mijn neefje zijn armen in de lucht. Ik wil applaudisseren, maar houd me net op tijd in. Mijn neefje zou door de grond zakken van schaamte. Hij zou zich betrapt voelen, betrapt in zijn veelzaamheid. Nee, openlijk toegeven dat we veelzame wezens zijn, daar hebben we het nog een beetje moeilijk mee. Al lijkt Facebook ook in dat opzicht nieuwe deuren te openen. Wat later op de dag bekijk ik het profiel van mijn neefje en vink onder zijn status-update aan: ‘vind ik leuk’.

(I like)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Column, Filosofie, Literatuur. Bookmark de permalink .

Een reactie op Column ‘Facebook: open boek van onze geest’

  1. Pauly d zegt:

    Love it! love you!!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s